Paul van Rooijen te paard door Frankrijk

Een trektocht te paard vanuit Villeneuve sur Lot, Zuid-Frankrijk, richting Nederland, gemaakt door Paul van Rooijen, samen met Hans Martens

My Photo
Name:
Location: Hoogland, Utrecht, Netherlands

Thursday, August 10, 2006

Het weblog

Gebruiksaanwijzingen van het weblog
Dit weblog leest iets anders dan een normaal boek. Daar begin je gewoon bij de eerste bladzijde en ga je vervolgens door naar achteren. Het weblog leest, per hoofdstuk, van onderen naar boven.
Dit weblog is verdeeld in 17 hoofdstukken .Het eerste hoofdstuk" het plan" staat dan ook helemaal onderaan. Dus eerst page down, of scrollen.
De hoofdstukken staan vermeld aan de linkerzijde. Aangezien ze er niet allemaal oppassen zijn alleen de laatste 10 zichtbaar.
Het is even wennen, maar in principe niet moeilijk. De foto's worden uitvergroot door er op te klikken. Ga met de cursor naar de hoek rechts onder in de foto. Er verschijnt een vierkant en daarop klikken vergroot het nogmaals.
Voor meer info kun je 06 21210570 bellen, of mail;paulus.vr@gmail.com.
Veel leesplezier.
Paul

Wednesday, August 02, 2006

afsluiter

Na weer ruim een maand thuis en de afkickfase doorstaan te hebben, wordt het tijd voor een terugblik.
Er gaat bijna geen dag voorbij, zonder dat ik niet even terug denk aan het Franse avontuur.
Paardrijden in een prachtige en vooral stille omgeving, op een dijk van een paard. Buck heeft volledig waargemaakt wat er van hem verwacht werd en dit zonder ziektes en geen enkele blessure.Hulde voor de Criollos.
Vooral de gastvrijheid en vriendelijkheid van de Fransen heeft me goed gedaan. Gelukkig bestaat het nog. Het was een geweldige tijd en ik realiseer me wat een mazzelkont ik ben dat ik dit heb kunnen doen. 2 maanden van huis en bijna letterlijk leven als god in Frankrijk. Hierbij denk ik vooral ook even aan Elly en Rosa. Beiden, in deze periode druk met werk en examen, zijn door mijn afwezigheid en de voorafgaande periode toch extra belast. Een veel gestelde vraag was; wat vind je vrouw ervan Alsof dit eigenlijk niet kan. Gelukkig werkt dat bij ons niet zo en is er alle steun om zoiets te doen.
Het zijn niet alleen de 2 maanden van reizen, maar ook de 10 maanden daaraan voorafgaand die royaal in het teken van de trektocht stonden. Paard kijken, paard kopen, paardrijden en nog eens paardrijden, Informatie verzamelen en nog eens informatie verzamelen en dan weer uitwisselen. Als de computer aanging was ik weer opzoek naar van alles en nog wat, als het maar over paarden ging. Ik werd er helemaal door beheerst. Buck stond nog net niet naast mijn bed. Als ik hier op terug kijk, denk ik; een tikkeltje minder had ook wel gemogen.
Ik ben van het type; als ik ergens achter sta, ga ik er ook helemaal voor. Alles was voor mij behoorlijk nieuw, had nog genoeg te leren en was ik met een inhaalslag bezig.
Toch is een goede voorbereiding voor zo`n tocht absoluut nodig en heb ik echt die tijd nodig gehad. Het meeste daarvan ging vooral zitten in paardrijden en met het paard bezig zijn. Een nieuw paard, wat je moet leren kennen en andersom ook natuurlijk, zodat er een blindelings vertrouwen ontstaat. Voor mij was veel rijden erg belangrijk omdat ik het tijden niet meer gedaan had en ook om voor beiden de broodnodige conditie op te bouwen.
Ik ben door het paardenvirus besmet geraakt en zo`n tocht maken smaakt naar meer en dat hoop ik zeker nog eens te doen in de toekomst.
Eerst maar weer even 2 benen op de vloer en proberen het dagelijkse ritme van thuis zijn oppakken. In dit ritme hoort nu ook in ieder geval met Buck lekker banjeren door de bossen, langs de wegen en over de stranden.

Monday, June 12, 2006

25 mei - 9 juni


25 mei
(klik op de foto`s voor vergroten)

In meaulne krijgen we een telefoontje van Jeanette en Margriet. Zij rijden met een extra pakpaard vanuit Nijmegen naar Santiago de Compostella en zijn op 1 april vertrokken. Ze hebben 4 maanden de tijd om dit doel te bereiken. Zij hopen met hulp van sponsors en donoren veel geld in te zamelen en met dit geld een manege voor gehandicapten op te zetten.Zie www.paard-en-kracht.nl .
Vlak voor hun vertrek hebben we elkaar ontmoet en afgesproken, indien mogelijk, ergens onderweg dat nog eens te doen.
Het moment is daar. Na uitwisselen van elkaars verblijfplaatsen, blijken we maar 20 km Uit elkaar te zitten. Hoe is het mogelijk. Nu ligt het voor beiden partijen haaks op de route die we volgen en dan is 20km lopen heen en terug wel erg ver. Toevallig hadden zij al een auto huren geplanned en komen zij de volgende dag naar ons toe.
Wij gaan naar Cérilly, 25km oostwaarts. De route leidt ons door een bosrijke omgeving met meertjes en aan de rand van zo`n meertje houden we pauze. De paarden hebben duidelijk lol in zo`n waterpartij en lopen te spetteren als kleine kinderen. Mooi gezicht, al is het ook een tikkeltje spannend of ze niet al zwemmend de kuierlatten nemen naar een eilandje verderop.
Daar hadden ze zelf gelukkig nog niet aangedacht. Het water was net te koud om met ze te gaan zwemmen.
Na de pauze komen we 2 km verderop een groep van 6 pauzerende ruiters tegen, die het duidelijk anders doen dan wij. Een begeleidende auto zorgt voor de hapjes met bijbehorende nattigheid en ook wij staan al weer vlot met een glas wijn in de hand. Dit is weer een leuke spontane actie tussendoor. We krijgen van hun een mooie route door het bos naar ons nieuwe overnachtingsadres. Dat was een welkome afwisseling, wat door gebrek aan goede kaarten rijden we nog steeds in de berm van de weg.
We arriveren op een kasteelachtig landgoed met een uiterst verzorgd stallencomplex. We mogen kiezen; weide, stal of beiden. We kiezen voor de nacht een keer een stal, want de paarden worden al dagenlang geplaagd door een soort horzel en vooral Buck haalt af en toe de meest vreemde capriolen uit om van die beesten af te komen. Op stal hebben ze hier geen last van en komen ze tot rust.
Het paardencentrum blijkt van ene Sylvie Soucoure te zijn. Zeg maar de Ankie van Grunsven van Frankrijk. We verwachten dan ook een peperdure rekening, maar we hoeven niets te betalen. Dat is juist de charme van het zwerven, vindt men. Van hen krijgen we eindelijk ook de juiste kaarten in handen.
S`avonds gaan we uit eten met Jeanette en Margriet, wat heel gezellig is en te kort duurt,want we hebben natuurlijk heel veel uit te wisselen. Veel is herkenbaar, al hebben zij wel regelmatig blessures met de paarden, wat ons gelukkig tot nu toe bespaart is gebleven.
Met de gekregen kaarten kan ik een mooie route, grotendeels door het bos uitstippelen naar Couleuvre. De schaal van de kaart is 1:25.000 (4cm=1km), dus elk pad is ingetekend, maar niet altijd up to date en soms ook helemaal dichtgegroeid. Daardoor blijft de kans op vastlopen elke keer aanwezig. Ik vind het navigeren leuk. Je bent hierdoor goed op de hoogte van waar je zit en het geeft ook afleiding tijdens het rijden.
Het terrein in de Allier is licht glooiend met een tikkeltje meer zand op de paden en dat is voor de paarden een makkie na al het klimmen en dalen. Ik vind het zelf ook prettiger rijden. Het ontspant meer.
Zo af en toe zien we een hert. De geur van het paard overstijgt de mensengeur en daardoor gaat het wild niet direct aan de haal en kun je ze goed bekijken. Overigens denk ik dat wij zelf onderhand meer naar paard dan naar mens ruiken. De gebieden die we kruisen barsten van de everzwijn, maar die zijn we nog niet tegen gekomen. Wel regelmatig zien we sporen van hun aanwezigheid.
In Couleuvre is het weer tijd voor 2 dagen rust en dat doen we op de ferme equestre van Sylvie Westermann en David. Sylvie is duitse en het is heerlijk om even een taal te spreken, waarbij ik minder hoef na te denken. David spreekt redelijk engels, dus onze taalvaardigheden worden geheel uit de kast gehaald en zijn we toch niet helemaal voor niks naar school geweest.
David werkt in Nevers en we rijden een dag met hem mee op en neer. Hij werken en wij een dag in de grote stad(50.000). Het is een mooie oude stad aan de loire. Alleen jammer dat het `smorgens miezert en een tikkeltje koud is. Geen terrasweer dus.
Na 2 dagen luieren weer het zadel in en op naar het volgende departement, de Nièvre. Sylvie wil niets van betalen weten terwijl het toch haar winkeltje en dus inkomsten is. Het voelt soms erg ongemakkelijk. We worden telkens in de watten gelegd en kunnen daar niets tegenover stellen.
Van Sylvie krijgen we een adres in Chateau d`allier. Een klein plaatsje aan de gelijknamige rivier. We hebben een schitterende tocht over veel paden door afwisselend bos- en weide landschap. We rijden ook voor het eerst over het pelgrimspad naar Santiago, waarbij we ook voor het eerst door een stromend, rotsig riviertje moeten baden. We hebben regelmatig beekjes gehad, maar dit is toch wat grootser. Waar wij toch met wat spanning zitten hoe de paarden hierop reageren, hebben zij het nergens over en lopen hier gewoon door. Weer blijkt wat een kanjers deze Criollos zijn.
In chateau d`Allier brengt ene mr. Jacques Paris, kleine, gepensioneerde man met een enorme baard, ons naar een prachtig gerestaureerde boerderij aan de rivier. De boerderij wordt beheert door een stichting/groep mensen , genaamd les Chavannes. Deze houdt zich bezig met folklore, met name muziek en dans, maar ook met de traditionele zeilscheepjes van de rivier. Elke zaterdag is men actief op de boerderij en wordt ook gezamelijk het onderhoud verricht.
Het is een museumstuk en wij mogen met z`n tweetjes het hele gebeuren voor 1 nacht gaan beheren. Aanwezig is een slaapzaal, een grote professioneel ingerichte keuken en een gigantische voorrraad aan eten en drinken. We kunnen het dan ook niet laten om flink van het ijs te snoepen.
Het houdt voor ons maar niet op. We rollen van het ene hoogtepunt in het ander en elke keer weer totaal verrassend.
Zoals al eerder gezegd gaan we naar de Nièvre, ons laatste departement. We zijn al bezig met het regelen van de terugreis en Karel Drees is zo vriendelijk om ons met zijn trailer op te komen halen. Dat moet dan wel een weekje eerder dan geplanned, maar dat nemen we graag voor lief, want we zijn allang blij met zo`n aanbod.
De rivier Allier is de grens tussen 2 departementen en die moeten we oversteken middels een vrij lange brug en dat is voor Salgado elke keer weer spannend en begint met tegensputteren.
Bij een rare beweging verliest ie weer een hoefijzer en is het opnieuw pauze voor de hoefsmid. We kloppen aan bij paardenmensen en zij helpen graag. En hoefsmid wordt gebeld en wij krijgen een half open stal, voor onszelf en een bijbehorende wei voor de paarden. Ook hier weer de gebruikelijke gastvrijheid en aanbod van eten en drinken.
De volgende morgen is de hoefsmid er al vlot en kunnen we `s middags na de lunch bij de familie toch nog een paar uur op pad. We zitten in de omgeving van Nevers en dit is een drukker en minder mooi gebied waar we door heen moeten.
Een paar overnachtingen verder kloppen we op 4 juni aan de voordeur van Domaine d`ainay en worden we welkom geheten door Angela Leyenhorst en dochter Annabelle. Zij heeft dit prachtige oude wijnkasteel omgetoverd tot camping à la ferme, gite, chambre d`hote en paardencentrum. Ze heeft hierbij veel hulp van haar ouders Wim en Annelies en belgische vriend Broos. Vooral Wim, een man met gouden handjes, heeft veel restauratiewerk verricht en met veel gevoel en oog voor het oude wordt hier een indrukwekkend stukje werk verricht.
Voor ons is dit een mooie plek om, toch een beetje noodgedwongen, ons avontuur in Frankrijk af te sluiten. Buck is weer nagenoeg door zijn hoefijzers heen en daar komen geen nieuwe meer onder. Die paar dagen eerder stoppen maakt ook niet zoveel meer uit. We hebben een paar prachtige weken achter de rug
A.s. vrijdag, 9 juni, komt Karel ons ophalen en rijden we in verband met de hitte `s nachts terug.
Helaas zitten Rosa en Elly dan net in Newyork en lopen we elkaar mis. Het vertrek en de terugkomst is hierdoor wel wat rommelig.

Monday, May 29, 2006

18 mei - 24 mei

De rustdag die we wilden nemen in Chavanat schuiven we op, want het is daar ongezellig, rommelig, en absoluut niets waar we terecht kunnen voor boodschappen o.i.d..
De hoefsmid komt om 8.30 dus we kunnen daarna nog op pad. Het regent en onweert die nacht weer behoorlijk en dat zet door tot aan het middaguur. Met een miezer regen gaan we
op pad. Niet echt aantrekkelijk, maar ik weet van het zeilen, dat als je er eenmaal inzet en goed gekleed bent het allemaal reuze meevalt; Dat klopte ook nu weer. We hebben als doel een camping-boerderij in Ahun. Dit is een iets groter dorp waar het waarschijnlijk leuk is om 2 dagen te blijven. De paarden zijn er echt aan toe en wij zelf ook wel. Ahun is 25 km. Onderweg komen we veel omgewaaide bomen en platgeslagen weidevelden tegen. Het heeft daar gigantisch gestormd met hagelstenen zo groot als knikkers. Dat zijn wij gelukkig allemaal net misgelopen.Rond 19.00 zijn we bij Ahun. We zijn al afgestapt en gaan lopen omdat de paarden het een beetje gehad hebben en Buck ook nog wat gevoelig stapt op zijn nieuwe ijzers. Eenmaal in Ahun blijkt dat de boerderij nog 7 km verder ligt. We hebben dat al een paar keer eerder meegemaakt en houdt daar, tegen beter weten in, liever geen rekening mee. Dat zijn de laatste loodjes, die dan doorbijten wordt. Het laatste gaat ook nog flink steil omhoog en we zitten er dan ook aardig doorheen als we eindelijk arriveren. Dat ontlaadt zich in ruzie tussen Hans en mij en alle opgekropte ergernissen komen er dan uit, maar ook hier komen we weer doorheen met z’n tweeën.
We zitten wel weer ver van het dorp, maar het blijkt toch een leuke plek om 2 dagen te blijven. Boer JeanMarie (Pfaff) en boerin Thérèse (Steinmetz) zijn lieve net gepensioneerde mensen, maar hobbyen er nog vrolijk op los met zijn tweeën. We verzinnen er zelf achternamen bij, als ezelsbruggetje, om de namen te onthouden. Ook hier wordt veel zelfgemaakt en op de markt verkocht. Ook zeer veel konijnen die, geslacht, mee de markt op gaan. JeanMarie geeft een bloederige demonstratie van schapenscheren, met veel te botte mesjes,. Hij knipt de hoefjes, waarbij ie soms te ver gaat en een konijn snijdt hij rigoureus de keel door. Hij zegt wel af en toe, excusez moi . We hebben ’s avonds overigens wel heerlijk samen een half konijn soldaat gemaakt.
Met Thérèse rijden we de volgende morgen mee naar Ahun. Het wordt een kort maar krachtig ritje, want ze weet, met haar 66 jr. de gaspedaal wel te vinden. Terug moeten we lopen. We gokken op een lift, maar die ene auto die passeert, heeft daar geen trek in. Lopen dus. Het is gek dat ik dat in deze situatie redelijk gewoon vind en daar thuis absoluut niet aan moet denken.

Zondag 21 mei is het weer werkdag voor ons en de paarden en staan om 7.00 op om naar Maison rouge te gaan. Een gite in de middle of nowhere. De naam is een tikkeltje geheimzinnig en onderweg fantaseren we er stevig op los en hebben de naam al snel omgedoopt in moulin rouge. Wat voor avontuur staat ons nu weer te wachten.
Dat valt allemaal een tikkeltje tegen. Het is een keurig huis, met keurige en een tikkeltje formele mensen. Hij heet Jean-Claude( zak) en is een gepensioneerde parfumboer uit Parijs, die de Dior heeft ingeruild voor onvervalste strontluchtjes en een gite is begonnen om toch nog iets te doen.. Zij heet Renéé (froger), is een stuk jonger en is makelaar in de regio. We prikken met diner een vorkje mee.
Boussac wordt de laatste halte in de creuse. We hopen hier kaarten, met ruiter/wandelroutes, te kunnen kopen voor het volgende departement, de Allier, wat overigens niet lukt.
Momenteel zijn we van de paden afgeweken, want door de regen zijn ze soms zeer slecht begaanbaar. De paarden zakken soms erg ver in de modder, wat het zwaar voor ze maakt. Langs de weg dus maar weer.
We belanden in een tikkeltje smoezelig hotelletje, van een zeer dikke, eveneens smoezelige, Danièlle(je weet welle). Het is midden in het stadje en de paarden staan een paar km. verderop. We worden daarheen gebracht en gehaald.
De komende paar dagen gaan we door een streek zonder paarden gebeuren, dus moeten we gaan aankloppen en zoeken. In Prévelange geeft de burgemeester toestemming om de nog gesloten camping speciaal voor ons te openen. Ook gaat hij persoonlijk zorgen dat de paarden een goede plek krijgen. We zoeken het dus hogerop.
De volgende morgen, na eerst nog even met de familie van de plaatselijk bakker op de foto, rijden we met een heerlijk zonnetje richting st. Désiré. Voor het eerst moeten we 2 uur zoeken voordat we eindelijk een plekje gevonden hebben.
Op 25 mei staan we in Meaulne op een , ook hier nog gesloten, camping, hartje stad aan een rivier. Het is koud vandaag en voor het eerst moet een jack aan.

De mannen

Je kent elkaar al zo’n 25 jaar. We hebben samen gewerkt, geregeld samen een aantal dagen met de boot op pad geweest en altijd open naar- en geïnteresseerd in elkaar wel en wee en dan levert zo’n tocht toch veel dingen op die we niet van elkaar wisten. Het zijn de meest simpele , dagelijkse gewoontes en rituelen van een ieder die duidelijk worden en die dus verschillen.
In de tocht zitten regelmatig momenten in die geestelijk en fysiek het een en ander vragen en ook daar gaan we verschillend mee om. De behoefte om je prettig te voelen zijn verschillend.
Allemaal dingen die we niet van elkaar wisten en tot irritaties lijden . Uiteindelijk leidt dat tot even flink grommen en bijten naar elkaar, maar waar we gelukkig ook weer uitkomen en oplucht en een goede basis geeft om verder te gaan.


De paarden

Allemaal de groeten van de paarden, want het gaat goed met ze. Ze gaan met elkaar om alsof het een ééneiige tweeling betreft.
De ijzers blijven een kwetsbaar en een bepalend onderwerp. Na 1 week nieuwe ijzers is de slijtage alweer zichtbaar. Ik ben dan ook benieuwd of dit stel de eindstreep haalt. Zo niet dan stop ik er eerder mee, want ik laat niet nog eens op zo’n kort termijn opnieuw beslaan. Dit betekent dat er in 6 weken tijd 24 gaten in een hoef zitten en dat gaat mij te ver. Ik hoop natuurlijk dat we het gaan redden.

Groeten, Paul

Sunday, May 28, 2006

10 mei -18 mei

In Uzerche blijven we een dag extra want Salgado moet nieuwe ijzers. Ze beginnen te rammelen. We slapen in een Gite met het centrum van het stadje binnen loopafstand. Gelukkig komt de hoefsmid snel en kost maar 1 dag oponthoud.
Elf mei zitten we om 9.00 uur te paard en gaan langs een prachtige, rustige weg naar Le Lousac. Onderweg drinken we koffie op een terrasje, terwijl de paarden geduldig naast ons tafeltje staan te wachten.
Na Lousac stranden we begin van de middag in Treignac. Het giet van de regen. Een klein hotelletje met wei is onze enige keuze. De regen houdt aan en we zijn gedwongen nog 1 dag te blijven. Dit hakt in de portemonnee, maar gelukkig hebben we daar onze gratis dagen een reserve opgebouwd. Treignac is geen straf. Het is een mooi gerestaureerd stadje en ’s avonds treffen we in een kroeg een bandje, die oude hippo muziek speelt,. We kunnen lekker mee lallen.
Het weer is erg wisselvallig momenteel. Maar zondag gaat ie weer op naar Le Petit Canada in Viam. Een paarden boerderij.. De eigenaar Bertrand heeft 10 jaar als cowboy in frans Canada gewerkt. Hij heeft deze sfeer overgeheveld naar Frankrijk. De boerderij is helemaal in indianenstijl ingericht. Ook zijn paint horses zijn in stijl. We kamperen op een veldje tussen Tipi’s en een Totempaal. Bertrand verwelkomt ons met een groot mes op zijn heup. Er is een heus winkeltje met indianenspullen. ’s Avonds loopt er een vrouw verkleed als squaw over het terrein. Wij beperken ons maar tot de vredespijp bij een kampvuur. Om toch ook een beetje de kost te verdienen rijdt KlukKluk overdag kinderen van huis naar school. Een apart gebeuren allemaal. Het waren vriendelijke Indianen.

Vijftien mei gaan we de Correze uit en de Creuse in. Bij de eerste overnachtingsplek gaan de bewoners aan het werk om een plaats voor ons te vinden, want de adressen in de boekjes bestonden niet meer. Het wordt een Chambre d’Horse. Ik installeer mijn tent en Hans kiest voor een kamer. Hij had net daarvoor een trap tegen zijn been gekregen, wat pijnlijk was. De paarden hebben veel last van een soort dazen en staan af en toe te trappelen op de benen en dan moet je oppassen dat je geen tik krijgt. Dit was Hans overkomen, zo’n chambre d`hote vind ik niet echt prettig. Je loopt door het privé van de mensen.
De volgende dag kiezen we voor een korte rit naar een paardensportcentrum in de hoop daar kaarten te vinden voor de Creuse. In de kleine plaatsjes lukt het niet. Het paardencentrum blijkt nog gesloten ivm seizoenswerk en dat is dan nog niet begonnen. Het wordt dan toch een lange rit van 7 uur voordat we iets anders gevonden hebben. Een prachtige paardenboerderij, maar wel in the middle of nowhere.

Eigenlijk hadden we een rustdag willen houden, maar omdat we niks te eten hebben moeten we verder. We gaan naar Chavanat en hopen onderweg een winkeltje tegen te komen.
s’Morgen zie ik dat Buck zijn ijzers aan de tenen bijna weggesleten zijn en dat zo gauw mogelijk verholpen worden, want hij is al begonnen zijn hoeven te slijten en na drie weken. De beheerder van de paardenboerderij beslaat zijn eigen paarden en wil Buck ook wel doen. Hij heeft alleen de maat van de voorhoeven , dus moet achter ergens anders gedaan worden. In Chavarnat kan het gelukkig al de volgende morgen. Het tochtje van 12 km naar Chavarnat gaat zeer sloom ivm hitte en tikkeltje vermoeidheid van de paarden. Onderweg vinden we gelukkig een winkel. In Chavarnat is geen winkel voor morgen dus moeten we weer door. Geen rustdag en ongeveer 15 km verdop ligt Ahun en daar zijn ook winkels, zodat we dan twee dagen rust nemen.




DE PRAKTISCHE KANTEN

De route: De eerste weken zijn op pad geholpen door de regionale woudlopers die elk pad uit zijn hoofd kent en die ook voor ons uitgetekend heeft. Dat was prachtig, maar de route over de paden maak je wel veel km, maar hemelsbreed gaat het niet hard door het zigzag werk. We besluiten iets gerichter te rijden. Dus wel paden pakken, die in de richting meelopen en daarnaast ook de binnenwegen. Dat is prima te doen, want er is nauwelijks verkeer en je kunt 80 % in de berm lopen. Het is ook absoluut mooi. De paden in de Dordogne en Correze zijn trouwens ook allemaal hard door steen en gruis. Vandaar ook dat de ijzers van hoeven zo hard slijten. In de Correze is de organisatie van de paden beduidend minder. Het is ook een stiller paardengebied. De routes die er zijn, zijn slecht aangegeven en vaak niet betrouwbaar doordat het plots ophoudt en vastloopt op door geplaatste hekken of een lang geleden door water weggeslagen brug. De wandelroutes zijn ook niet altijd een alternatief . We zijn al een paar keer vastgelopen op obstakels en als je pech hebt, moet je een eind terug. We kiizen voor veiligheid en nemen zoveel mogelijk de binnenwegen, die nogmaals goed en mooi zijn.
De Creuse schijnt weer goed georganiseerd te zijn met bewegwijzerende routes. Het terrein wordt ook wat vlakker en meer zandpaden. Ik denk dat we qua terreinomstandigheden er alleen maar op vooruit gaan.



PAARDEN

Voedsel is geen probleem. Alles is vol groen en soms moeten we op hooi over gaan, omdat het gras veel te vet is. Het loopt ze soms dun langs de benen. Handvoer is meestal te krijgen. We moeten wel bijvoeren. Ze zien er gezond en gespierd uit. Heel vaag zie je de ribben.
Grote zorg blijven de hoeven. Om beurten bellen we ieder al 2 maal de hoefsmid erbij gehad.
Drie weken met hoefijzers is erg kort, maar in dit gebied haast niet te voorkomen. Ik laat Buck nu voor de tweede keer beslaan en hoop het hier mee uit te zingen. Mocht het eerder nodig zijn dan laat ik ze in zo’n korte tijd niet nog een keer beslaan. Daar sloop je de hoeven mee en dat vind ik het niet waard. Dan stop ik nog liever.

HUISLIJKE BERICHTEN

Kleding wassen gaat met het handje en als zeep gebruik ik shampoo. Gaat goed en ruikt lekker. Voor drogen heb je wel een zonnetje nodig.
Voeding is sober. We kunnen nu eenmaal weinig meenemen en bij gebrek aan een winkel wordt het extra sober. Net als bij Buck, kun je bij mij ook de ribben zien. Ben verder prima gezond en in goede conditie. Hans heeft er wel moeite mee en een noodrantsoen heeft bij hem geen enkele kans.



COMMUNICATIE

Mobiel gaat via een franse simkaart. Dat scheelt in Frankrijk aanmerkelijk.
Naar huis bellen is het goedkoopst via de normale lijn. Elke telefooncel heeft zijn eigen nummer. Dus mobiel even snel thuis doorgeven en dan kan het thuisfront terug bellen naar de cel. Internetten kan gratis bij sommige biblio's en een school wil ook nog wel eens lukken. In de dorpjes vindt je deze echter nauwelijks, dus schrijf ik naar huis en zijn Rosa en Elly zo lief om het verslag op het weblog te zetten.
Schrijven is trouwens best wel leuk. Het is in plaats van tv kijken, boek lezen of internetten.
Groeten Paul

Friday, May 19, 2006

2 mei -12 mei

Alweer 3 weken achter de rug. Het gaat snel en door de vele verschillende situaties heb ik het gevoel 3 maanden weg te zijn.
We beginnen met een laatste etappe iin de Dorgdogne en verhuizen naar de Correze. Het eerste stuk door een groene vallei en een stuk bos en afsluitend een lange klim en met ook weer lange afdaling. We zijn op weg naar het centre Equestre van Eric Mallet. Deze man is zeer ervaren in het Dep. Correze en hopelijk helpt hij ons verder. Het was een zware dag, mede door 30 graden warmte. Ook de langste dag. Ik schat zo’n 35 km. We gaan een rustdag inlassen en tevens een hoefsmid optrommelen om punten onder de ijzers van Buck te zetten in de hoop dat afglijden dan minder wordt.
Naast manege worden er kamers verhuurd op de Equestre en is er ruimte voor groepsactiviteiten. Op dat moment was er een klas van kinderen rond 7 jaar uit Parijs aanwezig. Moeilijk cluppie. Ze blijven hier 2 weken.
We huren een kamer en de paarden krijgen een stuk land van 5 ha met eigen bron. Voor hen terug naar de Pampa’s en voor ons weer een beetje terug naar het groepswerk (op afstand)
Met eten schuiven we aan bij Eric, tante Monique en neef, 2 groepsleiders en een leerkracht. Weer gezellig en we worden uitgenodigd voor een excursie naar de grotten van Laseaux de volgende dag. Doen we. In een 40 jaar oude bus gaan we op pad. Het was leuk, maar duurde een tikkeltje lang. Met respect volgen we de 3 begeleiders de klas. Ze doen dit 2 weken aan één gesloten met 20 bommetjes die 24 uur per dag om beurten ontploffen. Wat een vak.
Als we terug komen loop ik nog even over de pampa’s om de paarden te checken. Ik loop tegen een hoefijzer aan en jawel, Salgado is er eentje kwijt. We moeten 2 dagen wachten op een hoefsmid. Hoort erbij en we genieten van de omgeving.
De familie Mallet zijn aimabel mensen. Erg behulpzaam en Monique (ongeveer 70) zorgt als een moeder voor ons. Ze praat langzaam Frans, zodat de communicatie goed gaat. Hans gaat het Frans redelijk goed af. Mijn woordenschat is een stuk beperkter, maar door linken te leggen kan ik het aardig volgen en gaat het natuurlijk steeds beter.
Ik vind het erg vermoeiend. Het kost veel energie om goed te luisteren en zelf weer naar de juiste woorden te zoeken voor antwoord. Tafelen duurt hier gauw anderhalf uur en soms haak ik af en laat de gesprekken langs me heen gaan. De familie Mallet heeft veel ervaring met mensen die een trektocht te paard houden. We hebben duidelijk een streepje voor. Monique verklaart dit later. We helpen mee, zijn bescheiden en klagen niet.
Van Eric krijgen we zelfs een auto om een dag op pad te gaan. We mogen het kantoor gebruiken om kaarten te scannen, kopiëren en uit te printen. Als tegenprestatie bieden we aan om te werken, maar dat is als vloeken in de kerk.
Als de hoefsmid geweest is, is het ook wel weer goed om de volgende dag te vertrekken. Het afscheid is hartverwarmend en Monique stopt ons nog van alles toe voor onderweg. We gaan de Correze in. Dit departement is het meest dunbevolkte gebied wat we passeren. We hebben ons voorbereidt met extra noodrantsoen. Het gebied is hoofdzakelijk volgen van landwegen.
De eerste nacht kunnen we terecht bij een mevrouw die ons een weiland aanbiedt voor de paarden en onszelf. Zodra we de tenten op hebben gezet begint het licht te regenen. Dit zal de hele avond duren en zijn we aangewezen op onze tentjes. Herlijk rustig en vóór dat de kippen op stok gaan slapen we al.
De volgende morgen moeten we, voor de derde keer, langs een agressief balkende ezel waar Salgado helemaal de kriebels van krijgt. Wat kunnen die beesten te keer gaan. Het is een drukkende dag en een tikkeltje sloom slenteren we de dag door. In het begin van de middag krijgen we nog een zware klim over een rulpad van dikke keien. Omdat we geen adres als doel hebben, beginnen we rond 15.00 uur al rond te kijken. Al gauw hebben we een aantal weides op het ook. Na overleg met de betreffende boer is het weer geen Probleem. Nadat we geïnstalleerd zijn, barst er een gigantisch onweer los. De boer komt ons binnen halen en de wijn en een door koekjes doet de rest. Als het buiten rustiger is kruipen we in de tent, waar het snel enorm begint te onweren. Dit houdt een paar uur aan. Niet echt lekker om zo in de tent te liggen. ’s Morgens willen we vroeg op weg, maar de boer nodigt ons uit voor 8.30 uur op ontbijt. We kunne niet weigeren. Een boerenontbijt is wel andere koek dan het franse stokbroodje met jam. Een tafel vol met kaas, diverse soorten eigen gemaakte paté, eigen gerookte ham, een fors brood en een grote fles wijn uit eigen wijngaard. De oudste zoon en diens vrouw zijn ook aanwezig. We zijn wat huiverig voor de wijn, maar pa boer noemt het een petit vin en zoon boer gaat voor een petit canon. M.a.w het is maar een licht wijntje. Ja jeetje, wat nou te doen. Eentje dan maar. Desnoods binden we ons zelf aan de paarden vast.
We moeten zelf met een klein mes een stuk brood afsnijden wat niet echt handig gaat. Pa boer en zoon halen uit hun zak een knipmes en met 2 vaardige, snelle bewegingen snijden ze mooie puntjes brood af. Er wordt niet veel gepraat. De aandacht ligt bij het eten. De vrouwen staan eromheen en doen niet mee. Dit is mannenwerk. Na het ontbijt gaat het weer regenen en gaan we tot 13.00 uur in de schuur wachten tot het droog is. Tijdens een opklaring vertrekken we dan toch. We gaan door een bos en al snel wordt het pad smaller, steiler en glibberiger van de regen.. We worden gedwongen af te stappen en te voet verder lopen we vast op een omgewaaide boom. We kunnen niet verder en moeten de hele weg weer terug. Tot overmaat van ramp begint het weer geweldig te regenen en verandert het pad in een oogwenk in een stroom modder. Het is nu echt oppassen geblazen op een pad van 50 cm breed met aan de ene kant een steile helling naar beneden. Met veel geglibberd redden we het.
Na een uur zijn we weer terug op de boerderij. We krijgen een oude woonkamer aangeboden, die nu in gebruik is als werkkamer waar de dames paté, jam, groeten etc.etc. Preparen. Er is een grote openhaard aanwezig waarin hammen gerookt worden, Deze worden aan de kant geschoven en het vuur wordt opgepookt. De kamer hangt vol met allerlei gebruiksvoorwerpen. Prachtig, je waant je terug in de tijd. Als ik heel voorzichtig op om te betalen voor ons verblijf, wordt dit met een resoluut oh,la,la van de hand gewezen. Een half uur later komt de familie 6 man sterk met van alles aandragen. Brood, kaas etc. etc.
Ze kijken hierbij trots.
We krijgen een beter beeld van het leven hier op het platteland. Deze buurtgemeenschap bestaat naast de boerderij uit nog 5 huizen. Ze worden allemaal bewoond door familieleden. In het ouderlijk huis wonen ouders en oudste zoon met gezin, wat hier trouwens heel gebruikelijk is. Qua voeding is men bijna geheel selfsupporting. Patés kaas wijn etc. en allerlei groenten worden gewekt, gerookt gebotteld. Wat teveel is wordt verkocht. Dit is hoofdzakelijk werk van de vrouwen. Ook al het veevoeder wordt verbouwd. Maïs, graan, biet.etc.etc.
Dit was een adres om nooit te vergeten. De Correze is ook een mooi gebied. Het is minder steil allemaal en in dit jaargetijde nog prachtig groen.
De 12 de mei zitten we Treignac. Een prachtig oud stadje wat, denk ik, soms erg druk is. We zijn toeristen nog duidelijk voor, want veel is nog gesloten.

De paarden

Het gaat goed met de boys. Ze ontwikkelen zich als echte bodybuilders. Buck zit wat zijn buikriem aan het laatste gaatje en ik had al een keer doorgehaald. Zijn wintervacht is nu bijna kwijt. En een nieuwe zwarte, glanzende vacht komt te voorschijn. Het lopen op dit terrein gaat hem nu ook beter af en hij blijkt nogmaals een dijk van een paard. Solide en betrouwbaar. We zijn echt een team geworden. In moeilijke situaties volgt die mijn aanwijzingen blindelings op. Als ik in dat soort situaties ga lopen, loopt hij echt achter mijn voetspoor. Zo van, de baas zal wel weten wat hij doet.
Met ijzers onder zijn spoorwegovergangen strijdje. Ze krijgen namelijk een lichte schok als ze de rails aanraken. Salgado is erg panisch voor en Buck dreigde dit over te nemen. Ik ga eerst erover, Buck gaat het wat makkelijker af alhoewel hij het niet leuk vindt.

De mannen

De mannen genieten van een biertje op een terras en laten de petitcanons rustig over zich heen komen. Verder genieten we zeer van de mooie natuur en alle leuke plekjes waar we terechtkomen.

A Bien Tot

Monday, May 08, 2006

26 april - 1 mei

Na 2 dagen rust op naar Beynac, aan de Dordogne waar een centre equestre is en toevallig morgen al een hoefsmid komt en Buck meegenomen wordt. De paarden zijn weer fris en kunnen er dus tegen aan. Nog maar koud van de camping komen er van een helling een kudde koeien aan denderen, waar Salgado zo van schrikt dat bijna ruggelings van een naast gelegen steil alud van 3 meter afvalt. Met kunt en vliegwerk van zowel paard als Hans loopt het goed af. Dat was kantje boord. Als je onder het paard terecht komt is het over en uit. hans heeft er nu nog nachtmerries van.
Verder een mooie tocht. We laten de ruiterpaden wat liggen en gaan meer over op de landwegen. Dit is wat gerichter en absoluut geen straf, omdat er zeer weinig verkeer is en een mooi landschap.

klik op de foto voor uitvergroten





'n middagpauze


De equestre is van Corrine en Pascal. Corrine is 1,50 meter met een stem van een dokwerker, heel druk en ontzettend vriendelijk. ’s Avonds eten we bij hen in de keuken aan een tafel met zeil, tl lamp erboven, televisie aan en twee kinderen erbij. Het was lekker en heel gezellig met een goed glas wijn. Een typische franse avond, waarvan er nog vele zullen volgen.
De volgende morgen krijgt Buck ijzers en krijgt hij nog een extra dag rust om aan die dingen te wennen. Dit komt mooi uit omdat Hans, de broer van Elly, en diens vrouw Atie en dochter Stella op visite komen. We worden ontzettend verwend met eten en drinken. Met Stella en Margot, een gids, gaan we twee uur rijden. Leuk en soms spectaculair door de steile bospaden.




met nicht Stella en guide Margot





We zitten in een zeer kasteelrijk gebied, dus daar kunnen we niet omheen. Zeer vlakbij ligt Chateau Les Milandes, bekend door Josephine Baker. Bij de oudere jongeren onder ons wel bekend. Mooi, vriendelijk en nog geheel in de stijl van Josephine.
Met geleende oude fietsen gaan we ook naar Chateau Beynac. Het kasteel ligt 130 meter hoog en alleen te voet te bereiken over steile paden. Onze conditie wordt beproefd, maar met het gemak van een jonge god klepperen we naar boven en genieten van een prachtig uitzicht over de Dordogne. De mannen wisten vroeger wel waar ze hun huisje neer zette.









Er moet weer gewerkt worden en na een paar dagen van bij eten, bij slapen en cultureel doen wordt het volgende station Sarlat, en wel centre equestre van Didier. Een hele relaxte fransman die ons bij aankomst gelijk een pot bier in de handen drukt. Hij wist via Corrine van onze komst. Het is een pracht complex, een beetje een klassieke uitstraling. We mogen in een oude blokhut slapen, waar ’s avonds de lampen als raketten, spontaan uit de fittingen knallen. Lachen. Als we zelf koken (en dat is niet veel) wordt het een karbootje met sla en brood. Ook hier weer door Didier een flesje eigengebouwde wijn gebracht.
Didier stuurt ons de volgende dag naar Chateau Campagne, waar Michelle ons op zal wachten en ons weer verder loodst naar het volgende adres. Dit alles gaat al twee weken zo, spontaan en vanzelf.
Een tocht van ongeveer drie uur dwars door Sarlat. Een prachtige oude stad en volgens Didier op zondag verkeersstil. Nou, het was alles behalve stil. Veel verkeer en het gaf me een Mc Cloud gevoel. We zijn maar niet hartje centrum gegaan en waren redelijk snel op het buiten gebeuren.
Op Chateau Champagne vielen we weer met de neus in de boter. Er waren die dag ter plekke allerlei paarden wedstrijden, gepaard met lunch en borrel. U raadt het al, we waren precies op tijd. Michelle ontving ons vriendelijk en nodigde ons uit mee te eten, en als we wilden konden we ’s avonds gerust blijven. We wilden eigenlijk verder, maar met een volle maag en een klein glaasje wijn, konden we veel makkelijk kiezen om te blijven.
Tijdens de lunch komen we al gauw in aanraking met de routeplanners onder de paarden mannen. Binnen de kortste keren zit ik met 5 fransen op de knieën, rond allerlei kaarten. Heftige discussies, die ik absoluut niet kan volgen. Ik wacht maar rustig op de uitslag, uiteindelijk blijven er twee nam over die met serieuze plannen en namen komen.
De volgende morgen komt er om 8 uur een fransman nog geweldig grote kaarten brengen. Had hij over snel op z’n werk gekopieerd. André, eigenaar van het kasteel, is een resolute man en belt direct rond en heeft weer twee overnachtingsmogelijkheden geregeld.








Degene die zegt dat fransen lomp, arrogant en afstandelijk zijn krijgt absoluut ruzie met mij. Ik ben nog nooit zoveel gemeende vriendelijkheid en behulpzaamheid tegen gekomen als in de afgelopen weken.

Na een wijnrijke avond en houterige ochtend gaan we op 1 mei naar een bevriende restauranthouder met een klein weitje, die we zelf moeten afzetten.
Op 1 mei, de dag van de arbeid, ligt heel Frankrijk plat. Alles is gesloten. Het toch wel redelijk rechtse Frankrijk maakt toch nog steeds gebruik van een links gedachtegoed. We kunnen geen boodschappen doen, wortelen voor ontbijt en verder maar afwachten wat er op onze weg komt.
Rond 14.00 waren we, na een snelle tocht, in Capelle Bareille. De lunch was nog gaande en hebben we daar gegeten. Brood en kaas werden voor de avond geregeld.

De volgende dag gaan we een lange etappe maken, ongeveer 30-35 km. En verlaten we de Dordogne op naar de Correze, ons derde departement.




Buck wil nu elke dag mijn hoed






Het lijkt misschien dat we op een geweldig Bourgondisch tournee zijn en dat begint er al aardig op te lijken. Waar je mee omgaat wordt je mee besmet en het integreren gaat ons wat dat betreft makkelijk af.
Ik rol elke avond rond 22.00 (jawel) met een voldaan gevoel tussen de klamme lappen.
De kosten vallen mee, met al het mee eten en slapen in echte bedden komen op zo’n €25,- P.P.P.D.

De paarden

Ze zijn in goede conditie. Buck heeft nu ijzers, hij lijkt nog wat gevoelig en blijft wat onwennig en onhandig lopen. Hij glibbert al snel als het wat naar beneden afloopt. Dit is erg onprettig rijden. Ik laat er ook puntjes onder zetten zodat hij mogelijk meer grip heeft. Salgado heeft dat ook en loopt hier rond alsof hij het al jaren doet. Eten en water vinden we genoeg en lijkt geen probleem. Ook overnachten gaat vlekkeloos en door hulp van hier kunnen we makkelijk de etappes maken.
De bepakking blijft ook met klimmen en dalen goed liggen. Doordat Buck ijzers heeft scheelt dat enorm in volume en gewicht.
Één nacht hebben we zelf een wei moeten maken, met onze eigen lijnen (ongeveer 80 meter) en ’s nachts was Salgado er onder door gegaan. Dat werkt dus niet zonder stroom erop.







De mannen

Tot nu toe gaat het prima. Bij Hans vliegen de kilo’s (en haren) eraf en ik merk bij mezelf dat een goede conditie heb en gebruik die ook door mee te lopen op de zware stukken voor Buck.
Tussen ons tweetjes gaat het ook goed. Natuurlijk heb ik van die momentjes dat ik denk, moet dat nou zo, maar niet vervelend. Dat zal bij Hans ook zo werken. We kennen elkaar goed genoeg om, indien mogelijk, elkaar er dan op aan te spreken.


vrienden voor het leven


De praktische kant

Route: kaarten hebben we tot nu toe allemaal middels copy’s gekregen. Zeer belangrijk is de juiste man te hebben. Elk departement heeft zijn ervaren randonnée ruiter. Heb je die getroffen, dan heb je goede routes, adressen en verwijzing naar de volgende juiste man.
Gelukkig hebben we die getroffen!
Met voedsel grijpen we nog wel eens mis, omdat we verwachten onderweg een winkeltje tegen te komen. Niet dus. We rijden soms dagen door een gebieden met af en toe een huis. Een toevallig aanwezige zak wortelen wordt dan een delicatesse.
We gaan straks een heel stil gebied in en moeten ons hierop dus goed voorbereiden.
Communicatie met Nederland is soms moeilijk (geen bereik) en duur. Elly en Rosa moeten het dan een beetje bekopen met korte uitwisselingen.

Tot de volgende keer!

Thursday, March 23, 2006

Frankrijk


Zodra we in Frankrijk zijn, ga ik dagelijks een dagboek bij houden en hopelijk vinden we regelmatig een computer, zodat ik op deze plek een verslag kan doen.

17 april;
De eerste week

De dag dat de paarden vertrekken. Om 15.00, nee eh 20.00 of eh eh 03.00 `s nachts dan, of mischien ook wel later worden ze op gehaald. Dat waren de veranderende berichten van transport. Wij moesten om 06.00 met de trein, dus voor alle zekerheid zelf de paarden naar limburg gebracht. Dat was stressen en niet echt leuk vertrekken.
De reis liep voorpoedig met de TGV. In Parijs , als boertjes van buut`n hannissen met het kaartje in de metro automaten. `s Avonds op de plaats van bestemming. Een prachtig landgoed met veel stallen van de hollandse fam. Kater, waar we een appartement konden gebruiken. De paarden kwamen de volgende morgen om 07.00 aan. Het was goed en vlot gegaan verder. Ze waren gaar, verdwaasd en hongerig van de reis. Een paar dagen rust, een mooie wei doet wonderen.
Iedereen rondom is vriendelijk en erg behulpzaam. Via een fransman komen we in aanraking met Pierre Chemineau. Hij blijkt een begrip binnen franse paarden randonnees wereld te zijn. Ook hij helpt ons zeer vriendelijk aan copies van kaarten en stippelt daar voor de eertse 2 weken routes op uit.
21 april onze eerste dag te paard. Op naar monflanquin. De tocht gaat eerst langs stille weggetjes
en daarna over ruigere paden. Combinatie van zand en steen, door kleine beekjes. Rond 17.00 arriveren we, na enig zoeken bij Beatrice. Een kleine paarden optrek, waar we van harte welkom zijn en binnen, kantoortje annex zadelkamer, op de vloermogen slapen. Klein keukentje en douche en toilet aan wezig. De prijs van zo`n overnachting moesten we zelf bepalen. Altijd lastig, want je weet nooit of je het goed doet.
Dag 2 naar Capelle Biron. Alles over smalle asfalt wegen door een prachtige groene omgeving. Door kleine dorpjes en af toe een kasteeltje. We hebben veel bekijks, want er gebeurt iets in deze stille streken. Mensen komen uit en huis en als je een vraag hebt ben je al snel omringd
door het halve dorp(10 man en een paardekop). Prachtig.
In capelle biron komen we na zoeken en verwijzen bij particulieren met paarden. Sylvie en Thierry. We zijn van harte welkom. De paarden krijgen weide en wij en plek voor de tent. e drinken samen een biertje. `s avonds heb ik Hans getracteerd op een etentje, want ik was net jerig geweest. Heerlijk gegeten in een stil restaurant. Volgende morgen ontbijt bij de familie. Het kan niet op.
Volgende doel is monpazier door hoodzakelijk bos. Ruwe paden en ik vind het een saai bos. Geef mij maar wat uitzicht. Monpazier is een mooi oud vestingsstadje met pracht binnenplein omringd door terrasjes en overkapte winkel galereien, waar wij met onze paarden dwars doorheen banjeren en pal voor een terrasje stilhouden om de weg te vragen. Hans spreekt de hele menigte toe met de vraag voor overnachting. Nou, dit is de manier om een dorp stil te krijgen.
We komen uit bij een gite a la ferme. Een oude zooi met een prachtig klassiek appartement voor gasten. Ook hier weer een grote wei voor onze vrienden.
De gast vrouw en heer drinken met ons en de volgende ochtend ook gezamelijk ontbijt.
Dit is ook de plaats waar Hans veranderd van uiterlijk. Hij is opeens Jack(van Gelder). Komt met een kale kop opeens naar buiten. Had hij zelf gedaan Van voren kaal en aan de achterkant, alsof hij door de ratten besnufeld is. Hier heeft hij nog een dag mee rond gereden. Hij was zich hier niet helemaal van bewust. Uiteindelijk heb ik hem uit zijn lijden verlost en een tikkeltje gesoigneerd.
De vierde dag gaan we naar Belves om daar vooral de paarden en onszelf wat rust te geven.
We gaan door heel landelijk gebied. Vooral zandwegen. Het laatste stuk door een groot bos, waar we dreigden te verdwalen en we op kompas moesten om eer op een asfalt weg naa Belves te komen. Deze hebben we gevolgd om zo direct mogelijk te rijden. De paarden beginnen er door heen te raken.
We zijn nu op camping le moulin de la pique en de paarden staan bij buurman boer.

De Paarden;
Ze moeten erg wennen. Eerst het klimaat. Het is hier royaal in de 20 graden en vooral Buck loopt nog in z`n winterjas. Het zweet gutst hem af en toe van z`n kop af. HIj is nu het meeste kwijt, maar dan blijft er nog een berg over. Verder moeten ze natuurlijk erg wennen an het klimmen en dalen. Buck heeft daar meer moeite mee dan Salgado. Na de ochtend houden we een uur pauze op een plek met gras en water. We lopen ook elke dag mee. Goed voor ons en goed voor de paarden. Ook waar Buck het moeilijk heeft loop ik even mee.
De schoenen van Buck gaan het begeven. Na 3 dagen vertonen ze al scheuren en ze slijten dermate hard, met name aan de tenen, dat ik sschat dat ze over een week door gesleten zijn. Op blote voeten blijft gevoelig. Er liggen veel scherpe stenen en doen Buck zeer. Ik besluit dan ook over te gaan op ijzers. Ik denk dat schoenen prima werken op vlak asfalt e.d., maar voor dit terrein ongeschikt. Jammer.
Na 4 dagen zijn ze echt toe aan rust. Het kost ze veel kracht en ze hebben nog wat conditie op te bouwen. We overvragen ze niet en houden ze goed in de gaten. Verder is het een perfect koppel. De eerste dag hebben ze even naar elkaar lopen meppen, daarna was het duidelijk hoe de rolverdeling in elkaar zit.

De Fransen.

Mijn oordeel, en van velen, is dat de franse naar en stug volk is. Ik neem die mening voor volle 100% terug. en ondervind alleen maar hartelijkheid en hulp waar nodig. Tijdens een pauze komt een stel met water voor de paarden en later voor ons koffie en een enorme taart. Voila.

Het weer:

Ik durf het haast niet te schrijven, maar we hebben prachtig weer. Vannacht de eerste regenbui, maar nu weer zon.

Dit zijn voorlopige berichten uit Frankrijk. Tot over een week.

Sunday, March 19, 2006

de Veluwe

7 april gaan Hans en ik voor de generale repetitie 3-4 dagen rijden op de Veluwe. We starten in Nunspeet bij Joan en Wouter.

Het is donderdagavond, 7 april en om 20.00 zijn we in Nunspeet. Na koffie, gebak en de borrel(niet teveel, want om nu met een houten hoofd te starten is ook zo wat)
op naar de klamme lappen. Hans achter in z`n bus en ik op de strobalen. Ik heb heerlijk geslapen. Joan wat minder om de zorgen dat wij het koud, nat en naar zouden hebben.
Na een heerlijk ontbijt wacht de veluwe op ons. Eerste dag naar Epe. Na wat dwalen, want de trailkaarten zijn nou niet echt duidelijk en volgens mij niet up to date, arriveren we bij mini camping/boerderij Jagtlust. Het is daar rommelig gezellig en eigenaar Henk zorgt goed voor ons. We konden slapen in een koude caravan. In ieder geval droog.
De volgende dag naar Vaassen in veel wind en striemende hagel buien recht op de kop. Na 4 uur komen we bij paardensportcentrum Cannenburgh. Ook hier was slapen in de tent(koud en nat)niet aantrekkelijk. Het alternatief was een stoffige hooizolder. Na wat rondneuzen ontdekten we deze paardentram en hier mochten we ook slapen van de eigenaar. Volgens Hans was ie wel een meter of 20!!!. dus ruimte zat.
Na lekker eten bij Elly`s moeder, Die woont "toevallig" in Vaassen, om 9.45 uur plat. Want dan is het donker en gaan de kippetjes ook op stok.
Zondag weer terug naar Nunspeet. Halverwege haken Joan, Marion en Helga aan, zodat we in colonne verder trekken.

Spannend voor Joan, want haar paardje(quarterhorse) is nog maar 3,5 en nog erg groen in het grote enge bos en nog niet gewend aan spoor- en autobanen. Maar ging prima. Zippo komt er wel en Joan ook. Na 8 maanden weet Buck nog blindelings de weg naar huize Timmer te vinden.
Zoals we begonnen zijn eindigen we ook nu met een afzakkertje en ga ik weer naar Hoogland.
Met een voldaan gevoel kan ik concluderen dat het een goede generale was. Bepakking is goed en blijft uitstekend zitten. Het neemt wel veel tijd (uur)om het paard rijklaar te maken. Het is nog een beetje onwennig. De inhoud moet nog een juiste plek krijgen om alles blindelings te kunnen vinden maar dat komt wel. Het moet nog routine worden. De paarden deden het prima. We hebben in 3 dagen zo`n kleine 100 km gereden en het lijkt of ze van de bepakking geen last hebben. We hebben wisselend weer gehad. Lekker zonnetje tot stormachtig met striemende hagel. Alles kurkdroog in mijn tassen en onder mijn jas en m`n hoed. De sloffen van Buck lopen goed. Volgens mij trekt ie ze graag aan.
We merken aan de mensen onderweg, dat ze het leuk vinden wat we doen en zijn behulpzaam. In Epe heeft Jorien ons met de auto heen en weer gebracht naar het dorp en in Vaassen mochten we fietsen lenen. Hopelijk gaat dat straks ook zo.
Dus Frankrijk kom maar op.